Man op reis in Nieuw-Zeeland: geestboom

31 januari 2019 door

Waipoua Forest viert zijn fragiele status als grootste overgebleven regenwoud van het land vandaag met slingers van zonnestralen. We rijden over een door overdadig groen beschermd weggetje naar het startpunt van onze boswandeling. Joe achter het stuur van zijn SUV en ik ernaast, achterin Joe’s vrouw Maria en de rest van het Nederlandse gezelschap. Het Maori-echtpaar van de Napuhe-stam dat ons zal gidsen heeft een tas ingepakt met picknickspullen – de groepsgezelligheid ruikt naar een dagje naar het strand maar dan anders.

Man op reis in Nieuw-Zeeland: geestboom - een verhaal van FD columnist Onno Aerden

Heel anders: zodra we zijn uitgestapt moeten we onze schoenen wassen bij de ingang van het bos. “Standaard bij alle bossen hier. Besmettingsgevaar,” duidt Joe: dit land wenst schoon te blijven, er beuken al genoeg krachten van buitenaf op de natuur in.

Aan de andere kant van de wasstraat overweldigt het bos vanaf de eerste schone stap. We banen ons van struik naar struik, Maria en Joe kleuren mijn door Veluwe en Frans-Belgische grenswouden ontwikkelde kijk op bos telkens iets verder in: ik hoor over geneeskracht, samen met elkaar groeien, parasiterende bomen en, uiteindelijk, over de piepkleine plantjes – kijk, daar staat er eentje! – die over een jaar of duizend zullen uitgroeien, als de god van de aarde dat wil, tot de woudreuzen die we straks zullen zien: de kauri’s.

Man op reis in Nieuw-Zeeland: geestboom - een verhaal van FD columnist Onno Aerden

We zijn een half uur het bos in gelopen, de bomen zijn ongemerkt dikker geworden – en plots staat hij daar: Yakas. Een ontzagwekkende kauri, de op zes na grootste van de wereld meldt een bordje.

Waar staat de grootste, wil de onderzoeker in me weten. Joe en Maria wisselen een snelle blik van verstandhouding. “Dat zal je zien,” zegt Joe dan. We eten onze lunch en horen over de naamgever van deze boom, Nicholas Yakas, die deze woudreus een halve eeuw geleden ontdekte op zoek naar kostbare hars van de reuzenbomen. “Mijn vader kende Yakas,” zegt Joe dan samenzweerderig. “Ook hij jaagde op hars om te verkopen aan sieradenmakers.” Fluisterstem: “Ooit stond mijn vader oog in oog met een tweemaal zo grote kauri. Zonder twijfel de allergrootste van het land. Hij markeerde op de terugweg naar zijn dorp de route. Die nacht stormde het zo dat alle markeringen verdwenen.” Ik rol met mijn ogen. “Vader vertelde Yakas van zijn ontdekking op diens ziekbed. ‘Ook ik zag ooit die boom,’ antwoordde hij. ‘Eén keer. En ook ik kon hem daarna nooit meer vinden’.”

Man op reis in Nieuw-Zeeland: geestboom - een verhaal van FD columnist Onno Aerden

Het verhaal spookt door mijn hoofd als we een uur later, opnieuw schoon gewassen, een ander pad zijn opgelopen en voor een kauri staan die ontegenzeggelijk groter is dan nummer zeven van net. ‘Tane Mahuta’, staat er op een bord: Lord of the Forest. Ruim tweeduizend jaar oud, ruim vijftig meter hoog en met een omtrek van bijna veertien meter. “Maar de grootste?” vraag ik zacht aan Maria. “Dat staat op het bord,” zegt ze mysterieus.

Zo rijden we even later in de SUV het regenwoud uit, niet alleen betoverd door de grootsheid van wat we zagen maar vooral ook door het geheim van de nooit meer gevonden geestboom, de échte nummer één – het geheim dat alleen de Maori kunnen ontsluieren.

Onno Aerden is als schrijver en columnist onder meer verbonden aan het Financieel Dagblad en Big Black Book. Voor TravelEssence reist hij naar Australië en Nieuw-Zeeland om in zijn persoonlijke, licht verwonderende stijl, verslag te doen van zijn ervaringen.